Hij Die dood en leven heeft geschapen opdat Hij jullie kan beproeven, wie van jullie de beste daden [verricht], (De Koran, 67:2)
Hij Die dood en leven heeft geschapen opdat Hij jullie kan beproeven, wie van jullie de beste daden [verricht], (De Koran, 67:2)
Verzen als deze in de Alwijze Koran, het criterium voor waarheid en valsheid, maken het begrijpelijk dat “de dood net als het leven geschapen is; het impliceert tevens een gunst.” Van buiten lijkt de dood een ontbinding, non-existentie, verval, het uitdoven van leven, de vernietiger van vermaak; dus hoe kan zij geschapen zijn en een gunst?
Het Antwoord: De dood is een ontlasting van de verplichtingen van het leven; het is een rust, een verandering van verblijf, een overgang naar een ander bestaan; het is een uitnodiging tot het eeuwige leven, een begin, de introductie tot een onsterfelijk leven. Net zoals komst van het leven in de wereld via een scheppende daad, een benoeming en een bepaling, geschiedt, zo is het verlaten van deze wereld geregeld door een schepping en een bepaling, via wijsheid en doelmatigheid. De manier waarop planten sterven, waarbij het plantenleven als de simpelste levensvorm moet worden beschouwd, laat zien dat hun dood een meer ordelijk kunstwerk is dan het leven zelf. Want hoewel de dood van fruitsoorten, zaden en graan lijkt te geschieden door een verval en ontbinding, is deze dood in feite een soort kneden dat buitengewoon goed geordende chemische reacties en een uitgebalanceerde combinatie van elementen en wijze formatie van onderdelen inhoudt; hun ongeziene, ordelijke en wijze dood verschijnt door het leven van de nieuw opkomende loten heen. Dat wil zeggen, de dood van een zaadje is het begin van het leven van nieuwe spruiten; inderdaad, sinds de dood ervan het leven zelf gelijkt, is het net zo geschapen en welgeordend als het leven zelf.
Bovendien is de dood van levende vruchten of dieren in de menselijke maag het begin van hun verheffing tot het niveau van het menselijk leven; daarom kan gezegd worden dat “een dergelijke dood meer ordelijk en geschapen is dan hun leven”.
Indien de dood van plantenleven, het laagste levensniveau, is geschapen, wijs en ordelijk op die manier, moet de dood die het menselijk leven, het hoogste levensniveau, treft, hetzelfde zijn. En Overeenkomstig daarmee, als een zaadje, dat in de grond wordt gezaaid, een boom in het domein van de lucht wordt, zo zal een mens die in de aarde is gelegd zeker de loten van een eeuwigdurend leven in de Intermediaire Dimensie produceren.
Wat de aspecten van de dood betreft welke tot gunsten gerekend moeten worden, zullen we er vier aanwijzen.
De eerste: Dood is een grote gunst, omdat dat betekent dat men is bevrijd van plichten en verplichtingen in het leven, die tot last zijn geworden. Het is ook een deur waardoor men passeert met de bedoeling zich te voegen bij en verenigt te worden met zijn vrienden, waarvan er negenennegentig van de honderd reeds in de Intermediaire Dimensie aanwezig zijn.
De tweede: Dood is bevrijd te worden van de benauwde, hinderlijk drukkende en turbulente gevangenis van deze wereld, en een uitgebreid, vreugdevol, zorgeloos, onsterfelijk leven te ontvangen, en de atmosfeer van de genade van de Eeuwig Geliefde binnen te treden.
De derde: Er zijn talrijke factoren, zoals ouderdom, die het leven zwaar maken en de dood laten zien in de gedaante van een gunst superieur aan het leven. Bijvoorbeeld, indien je voor je, je zeer oude ouders, die je veel ongemak veroorzaken, samen zou zien met de grootouders van je grootouders in hun deerniswekkende staat, zou je begrijpen wat een rampspoed het leven is, en wat een gunst de dood is. Nog een voorbeeld; iemand kan zich inbeelden hoe zwaar het leven is voor prachtige vliegen, verliefd op mooie bloemen, in de ruwe condities van de winter, en wat een genade de dood uiteindelijk voor hen betekent.
De vierde: Net zoals de slaap een vorm van comfort is, een genade, een rustperiode, in het bijzonder voor hen die getroffen zijn door rampspoed en de gewonden en de zieken, zo is de dood, de oudere broeder van de slaap een zuivere gunst en genade voor de door ellende getroffenen en voor degenen die lijden aan beproevingen die tot zelfmoord leiden puur gunst en genade. Zoals overtuigend wordt bewezen in vele van de Woorden, voor misleide, dwalende mensen is de dood een pure kwelling en een pure bestraffing, net als het leven; doch dat staat hier niet ter discussie.[qtip:1| Bediuzzaman Said Nursi, Brieven, Eerste Brief, Tweede Vraag]
[1] Bediuzzaman Said Nursi, Brieven, Eerste Brief, Tweede Vraag
